De gemeenschap
Na de theatervoorstelling VONK gingen medewerkers uit de gehandicaptenzorg met elkaar in gesprek over de toekomst van hun werk. Zij deelden ervaringen, twijfels, wensen en ideeën over onder meer de rol van vrijwilligers en de gemeenschap. Met gemeenschap bedoelen we het netwerk rondom de cliënt: vrijwilligers, buurtbewoners, lokale organisaties en bedrijven. Op deze pagina lees je de belangrijkste inzichten uit die gesprekken: wat gaat al goed, waar lopen teams tegenaan en welke kansen zien zij voor de toekomst.
De huidige situatie: kansen en knelpunten
Wederkerigheid
In veel gesprekken wordt benadrukt dat de relatie tussen cliënten en de gemeenschap wederkerig is. Deze wederkerige relatie maakt dat beiden voelen dat ze een betekenisvol deel uitmaken van elkaars leven. De gemeenschap kan duidelijk een rol vervullen voor cliënten, maar andersom is dat ook het geval. Cliënten dragen zichtbaar bij in hun directe omgeving: van meedraaien in facilitaire teams tijdens evenementen tot maandelijkse opruimacties in de wijk. Daarnaast leveren zij ook intern waardevolle ondersteuning in samenwerking met vrijwilligers, bijvoorbeeld bij huishoudelijke taken op groepen voor ouderen of kinderen binnen de organisatie.
Verandering van werkcultuur
De inzet van vrijwilligers kan zowel cliënten als medewerkers ten goede komen. Medewerkers merken dat het soms sneller of goedkoper is om vrijwilligers in te zetten dan externe diensten in te huren, bijvoorbeeld bij vervoer. Een grotere inzet van vrijwilligers vraagt wel om flexibiliteit en een verandering in de werkcultuur en denkwijze van medewerkers binnen de gehandicaptenzorg, maar ook bijvoorbeeld van de facilitaire dienst. Als een vrijwilliger in overleg een bijdrage levert, bijvoorbeeld als klusser, biedt dat kansen wanneer ook de facilitaire dienst hiervoor voor open staat.
Lef en duidelijke kaders
Een terugkerend thema is de behoefte aan lef en durf. Medewerkers vinden het spannend om verantwoordelijkheden uit handen te geven, omdat zij formeel verantwoordelijk blijven. Vrijwilligers vaker om hulp vragen of nieuwe taken toevertrouwen vraagt daarom om helderheid over verantwoordelijkheden.
Soms ontstaat frictie wanneer vrijwilligers vooral de ‘leuke’ taken oppakken, terwijl medewerkers juist ondersteuning nodig hebben bij andere werkzaamheden en zelf voor de afwisseling ook dit soort taken zouden willen doen. Niet alle zorgtaken zijn geschikt voor vrijwilligers, maar praktische ondersteuning, zoals bijvoorbeeld koken, kan medewerkers meer tijd geven voor persoonlijke aandacht of zorg voor cliënten en daar draait het uiteindelijk om.
Een andere inzet van vrijwilligers
Ook klinkt de wens om af te stappen van de verplichte vrijwilligersbijdrage vanwege de hoge administratieve lasten. Een reiskostenvergoeding blijft wel belangrijk. Sommige organisaties zien mogelijkheden om vrijwilligers op betaalde basis via een nulurencontract in te zetten, bijvoorbeeld als huiskamerassistenten in de ouderenzorg. De vrijwilliger in deze rol kan zorgen voor eten en drinken, aandacht en een goed gesprek. Dat is precies de ondersteuning waar veel teams behoefte aan hebben.
Naast deze rol zijn er ook veel andere kansen in taken waarin vrijwilligers medewerkers kunnen ondersteunen, zoals:
- huishoudelijke werkzaamheden;
- vervoer;
- kleding kopen;
- meegaan naar de tandarts;
- bedden verschonen.
Het maken van duidelijke afspraken zijn hierbij belangrijk. Wat doet een vrijwilliger wel en wat niet? Sommige organisaties willen beter in kaart brengen wat vrijwilligers (en verwanten) mogen en kunnen. Andere organisaties hebben hier al stappen in gezet. Voorbeelden van dit soort informatie voor medewerkers, verwanten en vrijwilligers is bijvoorbeeld te vinden via deze link voor de website van het Barthimeus en via deze link naar de website van S Heeren Loo.
Vrijwilligers en verwanten
In de praktijk vervaagt soms het onderscheid tussen verwanten en vrijwilligers soms. Niet alle verwanten wonen dichtbij of zijn beschikbaar, waardoor buurtbewoners of andere leden van de gemeenschap juist een belangrijke rol gaan spelen. Vrijwilligers zijn bijvoorbeeld van grote waarde bij vrijetijdsbesteding in de avonden en weekenden, mits dit aansluit bij de wensen van bewoners. Denk aan samen wandelen, een spelletje doen of meegaan naar activiteiten in de buurt. Dit vraagt wel om de juiste voorwaarden die niet altijd aanwezig zijn. Ideeën moeten betaalbaar zijn en vragen om een welwillende omgeving. Lokale faciliteiten, zoals sport- en ontmoetingsplekken, worden niet altijd benut, terwijl sport, beweging en ontspanning juist belangrijk zijn voor cliënten.
Uitdagingen
Een veranderende doelgroep kan ook meespelen in het vinden van vrijwilligers of hulp uit de gemeenschap binnen sommige organisaties: bewoners worden ouder en hun mogelijkheden veranderen. Dit maakt teams soms ook terughoudend bij het inzetten van vrijwilligers. Onvoldoende begeleiding van vrijwilligers kan bovendien onrust veroorzaken bij de bewoners, medewerkers en vrijwilligers zelf. De terugloop van vrijwilligers sinds corona is nog altijd voelbaar in verschillende organisaties. Maar nieuwe initiatieven en experimenten zorgen ook voor nieuwe energie binnen teams.
Samenwerking met bedrijven
Het beeld van vrijwilligerswerk verandert. Waar organisaties vroeger vooral werkten met individuele vaste vrijwilligers, ontstaat er nu ruimte voor eenmalige inzet van grotere groepen medewerkers. Dit komt bijvoorbeeld doordat grote bedrijven een aantal dagen per jaar beschikbaar stellen voor hun werknemers om vrijwilligerswerk te doen. In het verleden was aanbod en vraag slecht op elkaar afgestemd, waardoor het moment niet altijd uitkwam of er onvoldoende taken waren voor een grote groep.
Een nieuwe werkwijze
Ondertussen is hier verandering in gekomen door het aanbod en de vraag om te draaien. Organisaties brengen eerst in kaart wat er wanneer moet gebeuren om vervolgens een juiste match te vinden. Dit kan bekeken worden op verschillende niveaus. Op individueel niveau kan dit betekenen dat een cliënt bijvoorbeeld naar een specifieke voetbalwedstrijd wil gaan, wat als vraag uitgezet kan worden. En op organisatie- of locatieniveau kan gekeken worden of de inzet van een grote groep mensen kan worden gebruikt voor het organiseren of verzorgen van bijvoorbeeld een eindejaarsfeest. Het komt hierop neer: per taak wordt gekeken wie het beste past. In de praktijk betekent dit vaak vaste vrijwilligers voor cliëntgebonden activiteiten en eenmalige groepen bij grotere klussen. Goede coördinatie is daarbij cruciaal, zodat zorgmedewerkers niet extra worden belast.
Wederzijdse uitwisseling
Tijdens gesprekken kwamen ideeën voorbij zoals bedrijven die een locatie of jaarfeest ‘adopteren’ voor een duurzame relatie, of een ‘menukaart’ met hulpvragen waaruit de gemeenschap of bedrijven kunnen kiezen. Vrijwilligerswerk biedt bovendien kansen voor wederzijdse uitwisseling. Bedrijven kunnen extra hulp bieden en leren van methodieken binnen de gehandicaptenzorg. Daarnaast kunnen ze gebruik maken van de faciliteiten op een locatie en de horecadiensten van cliënten. Zo ontstaan mooie wederkerige samenwerkingen.
Vraag en aanbod platform
Sommige organisaties zijn bezig met het ontwikkelen van hulpmiddelen om vraag en aanbod beter te verbinden. Zo werkt Barthimeus aan een online platform hiervoor, met een gedegen (voor)onderzoek. De uitkomsten worden beschikbaar gesteld voor de sector via Vereniging Gehandicaptenzorg Utrecht (VGU). Op deze manier hoeft het wiel niet meerdere malen uitgevonden te worden en kan er tijd bespaard worden die kan worden ingezet om de opgedane kennis en ervaring in de eigen context toe te passen.
Interne inzet
Naast de inzet van externe bedrijven wordt ook de inzet van intern personeel, dat normaal gesproken niet op de locaties werkt, aangemoedigd in verschillende organisaties. Dit zijn medewerkers van kantoren die worden ingezet tijdens piekmomenten of tijdens de zomervakanties. Dit blijkt niet alleen praktisch, maar versterkt ook het gevoel van verbondenheid: collega’s ervaren direct voor wie zij hun werk doen.
Toekomstbeeld: meer vrijwilligers en meer betrokkenheid
De toekomstvisie is helder: een gemeenschap waarin bewoners écht meedoen en gezien worden. Een omgeving waarin wederzijdse betrokkenheid is en waarin vrijwilligers niet alleen activiteiten ondersteunen, maar ook bijdragen aan huishoudelijke taken in de woningen.
Om deze visie waar te maken is creativiteit nodig. Er is behoefte aan meer vrijwilligers, meer betrokkenheid vanuit de buurt en lokale bedrijven en een groter netwerk rondom cliënten en woningen. Ook wordt het idee genoemd om leerlingen van basisscholen, middelbare scholen en ROC’s meer te betrekken bij vrijwilligerswerk.
Vrijwilligerswerk moet een vaste plek krijgen in teamvergaderingen. Bestaande hulpmiddelen, zoals een Helpende Handen-app, kunnen beter worden benut. Het belangrijkste is dat medewerkers zich gesteund voelen door duidelijke kaders en coördinatie vanuit hun organisatie.
Eigenschappen en partijen
Tijdens de gesprekken met medewerkers werd duidelijk dat het versterken van de samenwerking met verwanten vraagt om inzet van verschillende betrokken partijen. Wat wordt verwacht van de betrokken partijen? Je vindt hieronder een lijst met de belangrijkste genoemde partijen en de belangrijkste eigenschap waarover zij moeten beschikken.

Team: lef
Van teams wordt verwacht dat zij lef tonen om de mogelijkheden van de gemeenschap te verkennen en manieren te vinden om vrijwilligers actief te betrekken.
Organisatie: lef
Ook van de organisatie wordt lef verwacht om ruimte te maken voor initiatieven uit de gemeenschap en deze actief te ondersteunen.
Leidinggevenden: enthousiasmeren
Vanuit leidinggevenden wordt verwacht dat zij medewerkers enthousiasmeren en stimuleren om de samenwerking met de gemeenschap op gang te brengen en vast te houden.
Gemeenschap: samenwerking
Van de gemeenschap wordt verwacht dat zij de samenwerking opzoeken en zich verbinden aan de gezamenlijk beweging voor de toekomst van de gehandicaptenzorg.
Van gesprek naar Actie
Na de theatervoorstelling zijn medewerkers met behulp van de gesprekstarter met elkaar in gesprek gegaan. Ze deelden hun ervaringen, zorgen en ideeën en bogen zich samen over de vraag: wat is er nodig voor de toekomst? Uit deze gesprekken zijn niet alleen inzichten gekomen, maar ook acties geformuleerd die richting geven aan waar ze naartoe willen. Hieronder lees je de belangrijkste acties en vonkjes rondom de thema’s technologie, verwanten en gemeenschap.

Overige acties die uit de gespreksstarter kwamen:
- We gaan een open dag organiseren waarbij de buurt wordt uitgenodigd.
- We gaan beginnen vrijwilligers te vragen om kleine, eenvoudige, afgebakende zorgtaakjes te doen.
- We gaan eerst inventariseren welke vragen en wensen er zijn bij de cliënten én bij de woning als geheel. Door deze behoeften concreet in kaart te brengen, kunnen we gerichter op zoek gaan naar passende vrijwilligers en faciliteiten.
- We kijken of er mensen zijn binnen ons eigen netwerk die een leuke hobby hebben of werkplek waarnaar we een uitje omheen kunnen organiseren.
Acties die kunnen gaan over zowel vrijwilligers als verwanten
- Meer informele contact momenten organiseren, zoals een laagdrempelige lunch of wandelclub.
- We willen de kwaliteiten van vrijwilligers/verwanten meer benutten, zoals iemands mogelijkheid om muziek te komen spelen.
- We gaan een ‘klus appgroep’ inrichten waarop we klussen kunnen zetten, die vrijwilligers/verwanten die daar ruimte voor hebben, kunnen oppakken.
- Zaken over vrijwilligers/verwanten als onderwerp cyclisch terug laten keren en bespreken tijdens teamvergaderingen.
- We gaan schoonmaak/mooimaak dagen voor de woningen organiseren samen met vrijwilligers/verwanten.
- Ruimte geven om te experimenteren samen met vrijwilligers/verwanten wat werkt, nieuwe dingen durven te doen. Om dit daarna te evalueren met elkaar.
- We gaan samen met vrijwilligers/verwanten brainstormen over de aankleding en onderhoud van de tuin.
- We gaan de vrijwilligers/verwanten een keer uitnodigen voor een teamvergadering.
